De interesse in fiets- en wandelvakanties groeit. Voor recreatieondernemers, verblijfsaanbieders en destinatiemarketingorganisaties is vooral relevant dat veel gasten tochten willen maken vanuit één vaste verblijfslocatie. Dat maakt routes, arrangementen, horeca en lokale samenwerking belangrijker in het recreatieve verdienmodel.

Actieve vakanties winnen terrein
Steeds meer Nederlanders overwegen een fiets- of wandelvakantie. Uit onderzoek van Trends & Tourism blijkt dat 23% van de Nederlanders de komende drie jaar waarschijnlijk of zeker een fietsvakantie wil maken. Dat komt neer op ongeveer 3,3 miljoen Nederlanders.
Voor wandelvakanties ligt het aandeel op 26%, oftewel circa 3,8 miljoen Nederlanders. Vergeleken met onderzoek uit 2019 is vooral de belangstelling voor fietsvakanties gegroeid: van 18% naar 23%.
Voor de recreatiesector is dit geen niche meer, maar een marktsegment dat past bij natuurbeleving, spreiding, korte vakanties en seizoensverlenging.
Vaste verblijfslocatie als commerciële kans
Een belangrijk signaal voor verblijfsrecreatie is dat veel fietsers en wandelaars hun tochten willen maken vanuit één vaste vakantieplek. Dat maakt campings, vakantieparken, hotels, B&B’s en groepsaccommodaties tot logische uitvalsbases.
Voor ondernemers ligt hier een kans om meer te verkopen dan alleen een overnachting. Denk aan arrangementen met routeadvies, fietsverhuur, e-bike-opladen, lunchpakketten, bagageservice, wellness, droogruimte, reparatieservice of samenwerking met lokale horeca.
De gast zoekt natuur en buitenlucht, maar wil ook gemak. Ondernemers die dat goed organiseren, kunnen de actieve vakantie vertalen naar hogere gasttevredenheid en extra besteding.
Routes zijn geen bijzaak meer
Bij fietsvakanties zijn een mooie omgeving en aantrekkelijke routes doorslaggevend. Gasten willen plekken ontdekken waar ze anders niet snel komen. Daarbij horen ook nevenactiviteiten zoals stadjes bezoeken, terrassen, uit eten gaan en lokale markten.
Voor DMO’s en gemeenten betekent dit dat route-infrastructuur direct raakt aan economische waarde. Een goed fietsknooppuntennetwerk of wandelnetwerk is niet alleen recreatieve basisvoorziening, maar ook aanjager voor horeca, retail, streekproducten en verblijf.
De uitdaging zit in het verbinden van routes met ondernemers. Een route zonder boekbare producten, pauzeplekken of goede informatie levert minder op dan een route die onderdeel is van een compleet gebiedsaanbod.
Wandelen en fietsen helpen bij seizoensspreiding
Fiets en wandelvakanties zijn minder afhankelijk van de klassieke zomervakantie dan strand- of zwemvakanties. Dat maakt deze markt interessant voor voor- en naseizoen.
Voor vakantieparken, campings en hotels kan actief toerisme helpen om bezetting buiten piekperiodes te versterken. Zeker in regio’s met natuur, dorpen, cultuurhistorie en horeca is er ruimte voor midweeks, korte breaks en thematische arrangementen.
Ook voor dagrecreatie en horeca biedt dit kansen. Wandelaars en fietsers combineren hun activiteit vaak met terrassen, lunch, lokale markten of een bezoek aan stadjes. Daarmee ontstaat besteding buiten de verblijfsaccommodatie.
Gelderland, Limburg en Drenthe sterk gepositioneerd
Nederlanders die in eigen land een fiets of wandelvakantie willen maken, vinden Gelderland, Limburg en Drenthe het meest aantrekkelijk. Deze provincies profiteren van een combinatie van natuur, routes, reliëf, dorpen, horeca en verblijfsaanbod.
Voor andere regio’s ligt daar een duidelijke les. Alleen natuur of alleen routes zijn niet genoeg. De commerciële kracht ontstaat wanneer verblijf, routekwaliteit, horeca, beleving en promotie goed op elkaar aansluiten.
In het buitenland wordt Duitsland het aantrekkelijkst gevonden voor fietsvakanties. Voor wandelvakanties staat Oostenrijk bovenaan, gevolgd door Zwitserland, de Ardennen, Duitsland en Noorwegen. Nederlandse regio’s concurreren dus niet alleen met elkaar, maar ook met sterke buitenlandse outdoorbestemmingen.
Praktische betekenis voor ondernemers en DMO’s
Voor recreatieondernemers is de groeiende belangstelling voor fiets- en wandelvakanties vooral interessant als aanleiding om het aanbod scherper te maken. Welke routes starten bij of nabij het bedrijf? Welke faciliteiten ontbreken nog? Welke lokale partners kunnen waarde toevoegen?
Voor DMO’s ligt de opgave in productontwikkeling. Niet alleen promoten dat een regio mooi is, maar routes koppelen aan verblijf, horeca, vervoer, verhuur, streekproducten en boekbare arrangementen.
De markt vraagt om samenwerking tussen verblijfsrecreatie, horeca, fietsverhuurders, natuurorganisaties, gemeenten en regiomarketing. Wie de actieve gast goed bedient, vergroot niet alleen de aantrekkelijkheid van de bestemming, maar ook de economische opbrengst van routes en natuurbeleving.
Meer informatie
Bron en meer informatie: Trends & Tourism