Hotels in Almere dreigen met rechtszaak tegen verhoging toeristenbelasting naar 10%

Van der Valk Hotel Almere verzet zich tegen het plan van de gemeente Almere om de toeristenbelasting in 2027 te verhogen van 7 naar 10 procent. Daarmee wordt een extra € 800.000 gegrabbeld uit de buidels van de hotels in Almere. Volgens het hotel komt de tariefstijging boven op de verhoging van de btw op logies en brengt de combinatie de concurrentiepositie van de Almeerse hotelsector verder in gevaar. Het bedrijf overweegt juridisch advies in te winnen.

De verhoging is opgenomen in het nieuwe coalitieakkoord van Almere, dat op 30 juni werd gepresenteerd door PRO Almere, VVD, D66, CDA en Leefbaar Almere. De opbrengst wordt gebruikt om de gemeentelijke begroting sluitend te krijgen en is niet specifiek bestemd voor toeristische ontwikkeling.

Het tarief gaat volgens het coalitieakkoord van 7 naar 10 procent. Campings en overnachtingen op boten worden uitgezonderd. Met een verhoging van drie procentpunten neemt het tarief voor de overige verblijfsaanbieders met bijna 43 procent toe.

Acht hotels op de Almeerse markt

De maatregel raakt in ieder geval de acht hotels die in het actuele overzicht van Visit Almere worden genoemd: Van der Valk Hotel Almere, Leonardo Hotel Almere City Center, PLAZA Premium Almere, Ibis Styles Almere, Holiday Inn Express Almere, Bastion Hotel Almere, Hotel Anno en Hotel Finn. Daarnaast kent Almere verschillende kleinschalige logiesaanbieders, waaronder bed-and-breakfasts en particuliere vakantieverhuur.

Niet alle hotels bedienen dezelfde markt. In het centrum en bij de stations bevinden zich verschillende ketenhotels die zich mede richten op zakelijke reizigers en bezoekers die Almere als uitvalsbasis voor Amsterdam gebruiken. Van der Valk beschikt daarnaast over zeventien vergaderzalen en is sterk afhankelijk van zakelijke bijeenkomsten, congressen en lokale bedrijven.

Van der Valk schrijft in zijn brief aan de gemeenteraad dat juist die zakelijke markt onder druk staat. Voor de coronapandemie registreerde het hotel nog ruim 16.000 zakelijke overnachtingen afkomstig van lokale bedrijven. Vorig jaar waren dat er volgens de onderneming nog 6.500. Dat komt neer op een afname van bijna 60 procent.

Hogere btw en toeristenbelasting stapelen zich op

De timing van de gemeentelijke maatregel vormt een belangrijk onderdeel van het bezwaar. Sinds 2026 geldt voor hotelovernachtingen het algemene btw-tarief van 21 procent, tegenover 9 procent in 2025. Tegelijkertijd verhoogde Almere de toeristenbelasting eerder al van 5 naar 7 procent.

Van der Valk telt beide percentages in zijn brief bij elkaar op. Volgens die benadering steeg de belastingdruk op een hotelovernachting van 14 procent in 2023 naar 28 procent in 2026 en zou deze in 2027 uitkomen op 31 procent. Fiscaal worden btw en toeristenbelasting niet volledig over dezelfde grondslag berekend, maar voor de consument werken beide heffingen wel door in de uiteindelijke kamerprijs.

Dat is volgens het hotel extra zichtbaar doordat aanbieders sinds 2025 verplichte kosten direct in de online getoonde prijs moeten verwerken. Gasten zien daardoor al bij het zoeken en vergelijken van kamers het totaalbedrag inclusief toeristenbelasting.

Bij een kamerprijs waarop € 150 aan logiesomzet van toepassing is, stijgt de Almeerse toeristenbelasting door het voorstel van € 10,50 naar € 15 per nacht. Bij duurdere kamers of meerdaagse verblijven loopt het verschil verder op.

Fors verschil met omliggende gemeenten

Van der Valk vreest dat Almere zich met het tarief van 10 procent uit de markt prijst. Het hotel vergelijkt de procentuele heffing met de vaste bedragen in omliggende gemeenten. In de brief worden tarieven genoemd van € 3,10 per persoon per nacht in Lelystad en Gooise Meren en € 3,40 in Zeewolde.

Een procentueel tarief maakt de belasting in Almere afhankelijk van de kamerprijs. Bij een kamer van € 150 bedraagt de toeristenbelasting straks € 15 per nacht. Daardoor kan het verschil met omliggende gemeenten vooral bij duurdere hotels en zakelijke arrangementen aanzienlijk worden.

Van der Valk wijst erop dat Almere, anders dan bijvoorbeeld Amsterdam en Utrecht, geen gevestigde positie als grote toeristische bestemming heeft. Een hoog belastingtarief zou daardoor niet alleen hotels kunnen raken, maar ook de ontwikkeling van het toerisme, de zakelijke markt en de bestedingen bij horeca, winkels en andere ondernemers in de stad.

De gemeente stelt op haar informatiepagina over toeristenbelasting juist dat het toerisme en verblijf in Almere groeien. Omdat bezoekers gebruikmaken van gemeentelijke voorzieningen, vindt de gemeente het redelijk dat zij daaraan bijdragen. De toeristenbelasting werd in Almere in mei 2020 ingevoerd.

Verhoging is nog niet definitief

Hoewel de coalitiepartijen samen een meerderheid hebben, moet het tarief nog formeel worden verwerkt in de belastingverordening voor 2027 en door de gemeenteraad worden vastgesteld. Bij die besluitvorming zal duidelijk moeten worden welke logiesvormen precies onder het tarief van 10 procent vallen en hoe de uitzonderingen voor campings en boten juridisch worden vormgegeven.

Van der Valk vraagt de raad om niet alleen naar de geraamde meeropbrengst van € 800.000 te kijken, maar ook naar mogelijke effecten op overnachtingen, werkgelegenheid en het vestigingsklimaat. Daarmee ontwikkelt de Almeerse discussie zich tot een nieuwe praktijkcase in het landelijke debat over de stapeling van btw en lokale belastingen voor de Nederlandse verblijfssector.

Meer informatie: Brief van Van de Valk aan de gemeenteraad van Almere

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *