Het aantal verblijfsgasten bleef in de eerste helft van 2026 redelijk op peil, maar het aantal overnachtingen daalde. Dit ondersteunt het beeld dat betaalbaarheid invloed heeft op het gedrag van bezoekers. Vooral Nederlanders, Duitsers en Belgen lijken vaker keuzes te maken in verblijfsduur, frequentie en prijs. Dat blijkt uit het halfjaaroverzicht verblijfsrecreatie door het NBTC.

Tegelijkertijd ontwikkelen intercontinentale reizen zich negatief. De geopolitieke context blijft onzeker en complex en zet het intercontinentale bezoek onder druk. De zomermaanden waren zeer zonnig en warm, wat het verblijfstoerisme in juli en augustus gunstig kan beïnvloeden. Die effecten worden later zichtbaar in de CBS-cijfers.
De belangrijkste ontwikkelingen op een rij:
- Verblijfsgasten totaal: +0,7%
- Verblijfsgasten uit het Verenigd Koninkrijk: +3%
- Verblijfsgasten uit Spanje: +14%
- Overnachtingen totaal: -1,5%
- Overnachtingen uit Duitsland en België: circa -3%
- Intercontinentale reizen: negatieve ontwikkeling, met name uit Azië (-9,5%)
De indicatie die het NBTC aan het begin van 2026 uitgaf, blijkt uit te komen: Mede als gevolg van de btw-verhoging op logies maken bezoekers prijsbewuster keuzes; bijvoorbeeld voor goedkopere accommodaties of bestemmingen, kortere verblijven en lagere bestedingen tijdens het verblijf. Ook de signalen van onzekerheid onder consumenten, versterkt door groeiende geopolitieke conflicten, hebben hun invloed.
Accommodaties
bij vakantieparken (-2,5%) en hotels (-1,8%) dalen de overnachtingen sterker dan gemiddeld. Op campings daalt het aantal gasten met 2%, terwijl de overnachtingen licht groeien met 0,8%. De gemiddelde netto kamerprijs (exclusief belastingen) van Nederlandse en Amsterdamse hotels daalde met circa 4%, terwijl de bezettingsgraad vrijwel gelijk bleef (bron: CoStar). Daarmee lijken hotelondernemers een deel van de btw-verhoging zelf op te vangen, wat mogelijk helpt om de bezettingsgraad op niveau te houden.
Bron en meer informatie: Halfjaarcijfers verblijfstoerisme 2026 – NBTC